Selecteer een pagina

Samaritanen in Oekraïne

Deze zomer bezochten Benjamin Mul en zijn vriendin Mirjam Looije CRS-projecten in Oekraïne. Lees hier Benjamins verslag.

De Roma – een volk van knappe, vriendelijke en gastvrije mensen. Een groep die onder barre omstandigheden leeft, vaak slecht bekend staat en bij wie volksgenoten misschien liever uit de buurt blijven. Roma zijn lang niet altijd goed verzorgd, bedelen veel op straat en werken op plekken waar wij liever niet werken, zowel legaal als illegaal. Niet omdat ze daarvoor kiezen, maar vaak omdat ze niet anders kunnen of niet beter weten.
Wij zijn gewend dat er een keuze is, vaak meer dan één, en dat als je je best doet je ook aardig ver komt. Maar wat als je wel hard je best doet en het je toch niet goed afgaat? Wat als je niet beter weet dan wat je ziet? En wat als je wel probeert, maar het systeem werkt niet mee? Die vragen vond ik het meest confronterend tijdens ons bezoek aan Oekraïne, zomer 2018. Mijn eerste bezoek aan dat land en aan twee Romakampen.

Anders

Het was een andere wereld. Als er binnen gemeenschappen gesproken werd over leiders, dan ging dat vaak over jongeren van 16-18 jaar. Stond ik op een voetbalveld met 18-jarigen, dan bleek ik met veel vaders in een team te zitten. En als ik ze daar zag, of de dag ervoor in de stad of de dag erna in het kamp, ze hadden steeds dezelfde kleren aan.
Kinderen groeien op in een groot gezin. Ze moeten helpen bij het opvoeden en het onderhouden van het gezin. In geld, in klusjes in en rond het huis of met het oppassen van de broertjes en zusjes. Tot 12, 13 of 14 jaar naar school. Dan op je 16e of 18e trouwen. Veel vrouwen raken dan al jong in verwachting. De mannen gaan naar het buitenland om in relatief korte tijd geld te verdienen zodat ze hun eigen huis kunnen kopen.

Oneerlijke tweestrijd

Roma mogen in principe – net zoals alle andere Oekraïners – doorleren. Maar de glinstering in de ogen van de jonge meiden, en de vertwijfelde blik in de ogen van hun vader bij het idee van verder leren, zeiden mij veel. Ze hadden die optie kennelijk nooit eerder overwogen. Voor de een was het een mogelijke schat, terwijl de ander twijfelde of het wel verstandig was; je moet wel je familie kunnen blijven onderhouden. En die twijfel is niet ongegrond.
Want als je met een vervolgopleiding wat kunt betekenen voor je kamp of dorp, maar dan tien keer zo weinig verdient als over de grens in een fabriek, dan lonkt het geld. Daarnaast zal zolang de jongen of meid verder doorleert minder geld kunnen verdienen voor het gezin. En is de hoop wel wat waard, als je zelf basisopleiding misschien niet toereikend is om toegelaten te worden?
Daarnaast liggen er ook gevaren op de loer. Als je naar het buitenland gaat ben je los van je gezin en van je geloofsgenoten. Je komt in aanraking met andere mensen. Het gebeurt vaak dat mannen niet terugkomen vanwege het vele geld dat ze verdienen of omdat ze een nieuwe vrouw hebben gevonden. Of wanneer ze terugkomen, hun geloof zijn verloren omdat ze eigenlijk geen tijd hadden om hun relatie met God te onderhouden.
Het voelde voor mij als een lastige, bijna oneerlijke tweestrijd. Hoe bouw je iets op als er weinig of geen basis is? Je hebt mensen nodig die erin geloven. Maar die zijn er niet zoveel. En als je gaat, dan moet je enorm gedreven en standvastig zijn om vol te houden.

Artistieke mini-scholen

Gelukkig zagen we daar ook voorbeelden van. Roma die een kans zagen en projecten startten. Oekraïners en Christenen die geloofden in verbetering van de levensomstandigheden. Alleen al was het dat het kinderen van God zijn, was reden om erin te investeren. Maar het zijn prachtige mensen, die hard kunnen werken en veel vaardigheden hebben op artistiek en sportief gebied. We spraken jonge mensen die jong trouwen en besluiten een opleiding te volgen en die hun talenten willen investeren binnen het kamp, en daarmee anderen de hoop geven op een betere toekomst. Moeders die trots zijn dat hun kind gezond en schoon is. Straten die gezamenlijk worden leeggemaakt. Gezinnen die aan de rand van het kamp een beter huis kunnen maken, maar niet naar het dorp willen verhuizen. Mini-scholen om kinderen hun talenten te laten ontwikkelen op kunstzinnig of sportief gebied. Het geeft hen het gevoel dat ze meer kunnen en meer waard zijn dan wat ze zo vaak te horen krijgen van hun omgeving.
Tegelijk besefte ik ook hoe rijk sommigen waren. Ze hebben bijna niets, zijn gastvrij, zijn liefdevol en vertrouwen op de Heer. Hun leven hoeft niet te voldoen aan onze standaarden. Een eenvoudig en menswaardig bestaan, vol liefde en omzien naar elkaar. En niet als minderwaardig behandeld te worden, zoals de Samaritanen in de Bijbel. Dat is meer dan voldoende, ook voor ons.

Christian Roma Support

Vierambachtsstraat 20

3023 AM  Rotterdam

info@christianromasupport.nl

(010) 477 44 42

IBAN:
NL41 INGB 00059 86 122

KvK:
53163095

RSIN:
850774767